Home > ARTIKEL > Directe erkenning van slachtoffers draagt bij aan herstel
directe erkenning slachtoffers
ARTIKEL

Directe erkenning van slachtoffers draagt bij aan herstel

Geef slachtoffers van criminaliteit, geweld of een ongeval directe erkenning en begrip voor wat hen is overkomen. Daarmee help je ze hun traumatische ervaring te verwerken en voorkom je dat hun PTSS-klachten op den duur ontaarden in een stressstoornis.

Dr. Peter van der Velden: ‘Geef je pas erkenning en begrip op langere termijn, dan heeft dit geen effect meer op de verwerking.’

 

De jeugdbeschermer die door ouders van een cliënt werd bedreigd dat haar kinderen eraan zouden gaan. De man die ’s avonds op straat werd mishandeld door een groepje jongeren. De vrouw die werd verkracht. De jongen die met zijn brommer tegen een auto opvloog en over de kop ging. De bankmedewerker die bij een overval tegen de loop van een pistool aankeek. Het afgelopen jaar was 13 procent van de volwassen Nederlanders slachtoffer van criminaliteit, geweld of een ongeval.

 

Longitudinaal onderzoek

Dit blijkt uit de eerste meting van het longitudinaal onderzoek naar de wisselwerking tussen posttraumatische stress symptomen (PTSS) en erkenning gedurende het eerste jaar nadat mensen werden getroffen door criminaliteit, geweld of een ongeval. Deze studie voerde Peter van der Velden, tot voor kort hoogleraar Victimologie aan de universiteit van Tilburg, vanaf maart 2018 een jaar lang uit met vier collega-onderzoekers.

 

VICTIMS-project

De studie die deel uitmaakt van het VICTIMS-project (Victims in Modern Society) van het Fonds Slachtofferhulp deden de onderzoekers namens het Tilburgse onderzoeksinstituut CentERdata, het Nethlab (Tilburg University’s Network on Health and Labor) en de Universiteit van Zurich. Voor de studie werd gebruik gemaakt van zo’n vijfhonderd deelnemers aan het LISS-panel (Langlopende Internet Studies voor Sociale wetenschappen) die het afgelopen jaar slachtoffer waren van criminaliteit, geweld of een ongeval. Aan het LISS-panel dat wordt ingezet voor bevolkingsonderzoeken werken meer dan zevenduizend deelnemers mee. Zij zijn representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking.

 

Meest traumatische ervaring

De deelnemers aan het onderzoek naar de wisselwerking tussen PTSS en erkenning die aangaven dat de confrontatie met geweld, criminaliteit of een ongeval de meest traumatische ervaring was van het afgelopen jaar, kregen in september 2018 opnieuw een vragenlijst voorgelegd. Dit keer ging het over hun PTSS-symptomen als angsten, slecht slapen, prikkelbaarheid, herbelevingen en depressies én erkenning en begrip hiervoor die ze al dan niet van hun omgeving hadden ervaren.

 

Effect op verwerking

Wat bleek? Slachtoffers die in de eerste maanden na de traumatische gebeurtenis vanuit hun omgeving veel begrip en erkenning kregen, hadden een half jaar later minder last van PTSS-klachten. Kregen ze het begrip en de erkenning pas na een half jaar, dan had dit geen positief effect meer op hun verwerking.

 

Fysieke gezondheid

Van der Velden, tegenwoordig verbonden aan CentERdata: ‘Bij slachtoffers zien we dat als stresssymptomen chronisch worden, ze ingrijpen op andere aspecten van hun leven, zoals hun zelfredzaamheid, hun relaties, sociale steun en hun fysieke gezondheid. De kans dat zij nog vanzelf herstellen, wordt kleiner naarmate meer tijd verstrijkt.’

 

Psychische klachten

Bleven slachtoffers veel PTSS-klachten houden, dan kregen ze een half jaar na hun traumatische ervaring zelfs minder erkenning en begrip van hun omgeving. Ook al hadden ze vlak na hun traumatische ervaring die erkenning wel gekregen. Van der Velden: ‘We weten uit onderzoek en hulpverlening dat na verloop van tijd de sociale steun en erkenning afneemt. Voor de omgeving gaat het leven verder. Zij weet ook niet altijd wat te doen als slachtoffers last blijven houden van allerlei psychische klachten’

 

Praktische relevantie

Dat sociale erkenning beschermt tegen het ontwikkelen van PTSS, is op zich wel bekend. Maar het ontbrak aan kennis over wat het effect is als deze erkenning pas na zes tot twaalf maanden na de traumatische ervaring komt, zegt Van der Velden. Hij wijst vooral op de praktische relevantie van zijn onderzoek.

 

Aardbeving in Groningen

Als voorbeeld noemt hij de Groningers die de aardbevingen hebben meegemaakt. ‘Voor veel inwoners waren dit heel angstige gebeurtenissen, terwijl de erkenning maar uitbleef. Hierdoor hebben zij sterk het gevoel dat de overheid en de NAM hen aan het lijntje hielden. Toen erkenning uiteindelijk wel kwam, was het kwaad al geschied. Dit heeft uiteindelijk niet alleen een negatief effect gehad op de verwerking. Maar vooral ook op hun fysieke gezondheid en de relatie met instanties. Als de overheid en de NAM de klachten van bewoners meteen serieus hadden genomen en hadden ingegrepen, was de situatie daar lang niet zo erg geëscaleerd.’

 

Neem maatregelen

Van der Velden heeft zelf als gezondheidszorgpsycholoog veel slachtoffers begeleid. Hij roept zorg- en hulpverleners, maatschappelijk werkers, huisartsen, bedrijfsartsen, leidinggevenden of P&O-medewerkers in organisaties, familieleden en iedereen in de omgeving van slachtoffers van criminaliteit, geweld of een ongeval op te snappen dat mensen van slag zijn en stress hebben na een traumatische ervaring. ‘Erken dat het erg is wat ze hebben meegemaakt, neem maatregelen, geef ze de ruimte om voorlopig te doen wat het beste is voor henzelf en vraag vooral niet als eerste wanneer ze weer aan het werk gaan of iets denken te gaan doen.’

 

Psychotherapeut

Met de meeste slachtoffers, zo’n 70 tot 90 procent komt het dan wel weer goed. Maar stel dat iemand veel klachten heeft die maar blijven aanhouden en zijn herstel duurt langer dan een maand, wordt de kans dus steeds kleiner dat het slachtoffer weer vanzelf herstelt. Van der Velden: ‘Stuur in dat geval het slachtoffer door naar een psychotherapeut. Maar wel naar een geregistreerde therapeut gespecialiseerd in behandelingen van psychotrauma.’

 

Karin van Lier

Dit artikel verscheen 25 juli op de site van Zorg+Welzijn